Privé-domein 239 - Afrikaanse brieven
-
AuteurArthur Rimbaud
- Uitgeverijde Arbeiderspers
- Jaar-
In 1880 belandt Arthur Rimbaud min of meer bij toeval in Afrika, waarmee een periode van omzwervingen begint die zijn verdere leven zal bepalen. Vanuit Aden en Harar schrijft hij brieven aan zijn moeder en zijn zuster Isabelle. Daarin toont hij zich een scherp en beeldend waarnemer, ook al heeft hij de literatuur en de poëzie definitief achter zich gelaten.
Rimbaud bouwt in Afrika een bestaan op als koopman in uiteenlopende waren, van goud en katoen tot dierenhuiden, ivoor en wapens. Zijn brieven gaan vaak over zijn handelsinitiatieven en nog vaker over de ellendige omstandigheden waarin hij verkeert, terwijl de werkelijkheid hem als een surrealistisch spektakel blijft bevreemden. Het klimaat en het harde werken putten hem langzaam uit. Een botziekte dwingt hem in 1891 terug te keren naar Charleville, waar hij alleen maar zieker wordt. Zijn wens om naar Harar terug te gaan wordt niet vervuld; hij overlijdt op 10 november in een ziekenhuis in Marseille. Vertaler Per Justesen maakte voor deze uitgave een keuze uit de beschikbare correspondentie.
Voor wie: Voor lezers die geïnteresseerd zijn in het leven en de correspondentie van Arthur Rimbaud en in negentiende-eeuwse reis- en handelsgeschiedenis.

![Omslag van Ik beken ik heb geleefd [2 delen]](https://media.s-bol.com/YEpW5y0lNN3A/550x463.jpg)





















