9789029530149 - Lotte in Weimar

Lotte in Weimar

In 'Lotte in Weimar' schept Thomas Mann een meesterlijk literair portret van de oude Johann Wolfgang von Goethe, gezien door de ogen van Charlotte Kestner, de vrouw die ooit de inspiratie vormde voor zijn wereldberoemde roman 'Het lijden van de jonge Werther'. Het verhaal speelt zich af in 1816, wanneer Lotte, inmiddels een weduwe van middelbare leeftijd, Weimar bezoekt en verblijft in het hotel 'Zum Elephanten'. Goethe, nu een gevierde en ietwat afstandelijke staatsman, leeft teruggetrokken in zijn huis aan de Frauenplan. De roman volgt Lotte's innerlijke worsteling terwijl zij probeert een ontmoeting met haar vroegere geliefde te arrangeren. Via een reeks indringende gesprekken met Goethes entourage - zijn zoon August, zijn secretaresse Riemer, en de jonge schrijver Adele Schopenhauer - krijgen we een veelzijdig beeld van de geniale maar ook eigenzinnige dichter. Mann weeft historische feiten en fictie naadloos samen, en gebruikt de figuur van Goethe om diepere vragen over kunst, roem en de prijs van genialiteit te onderzoeken. De roman is doordrenkt van ironie en psychologische diepgang, en biedt een fascinerende kijk op de dynamiek tussen de schepper en zijn schepping, tussen de mythe en de mens. 'Lotte in Weimar' is niet alleen een ode aan Goethe, maar ook een scherpe reflectie op de eenzaamheid van het genie en de onvermijdelijke vervorming van de werkelijkheid door de tijd.

Beschikbare exemplaren

€10.95
GOED
Auteur Thomas Mann
ISBN 9789029530149
Bindwijze Paperback
Tags historische roman Duitse literatuur Thomas Mann Johann Wolfgang von Goethe Lotte in Weimar

Thomas Manns 'Lotte in Weimar' is een virtuoze roman die leest als een intellectueel spel met historische figuren. Het grootste pluspunt is Manns onnavolgbare stijl: zijn zinnen zijn weelderig en precies, vol ironische nuances en diepgravende observaties. De manier waarop hij Goethes monoloog in het zevende hoofdstuk weergeeft, is een hoogstandje van literaire empathie en techniek. Mann slaagt erin om Goethe tegelijkertijd te verheerlijken en te ontmythologiseren, waardoor de lezer een complex en menselijk portret krijgt. Ook de karakterschetsen van de bijfiguren, zoals de pedante maar trouwe Riemer en de scherpzinnige Adele Schopenhauer, zijn meesterlijk. Toch kent het boek ook zwakke punten. De vertraging in de plot, doordat Lotte pas halverwege het verhaal daadwerkelijk met Goethe spreekt, kan sommige lezers geduldig op de proef stellen. Manns neiging tot uitweidingen en filosofische bespiegelingen maakt de roman soms zwaar op de hand. Daarnaast mist het verhaal de emotionele urgentie van Manns eerdere werk, zoals 'Buddenbrooks' of 'De Toverberg'; de afstandelijkheid van de verteller past bij het onderwerp, maar laat de lezer soms koud. Al met al is 'Lotte in Weimar' een indrukwekkende, maar niet altijd even toegankelijke roman, die vooral de literaire fijnproever zal bekoren.

'Lotte in Weimar' opent in 1816, wanneer de 63-jarige Charlotte Kestner, geboren Buff, in Weimar arriveert. Zij is de historische Lotte uit Goethes 'Werther', en haar komst zorgt voor beroering in de kleine stad. Lotte hoopt de nu 67-jarige Goethe te ontmoeten, maar hij houdt zich afzijdig. Terwijl ze wacht, voert ze gesprekken met Goethe's zoon August, die zijn vader bewondert maar ook onderdrukt voelt, en met Riemer, Goethes secretaris, die een liefde-haatverhouding met zijn meester heeft. Ook Adele Schopenhauer, de zus van de filosoof, komt langs en biedt een kritisch perspectief. Langzaam ontvouwt zich het beeld van Goethe als een man die gevangen zit in zijn eigen roem, omringd door mensen die hem vergoddelijken of benijden. Het hoogtepunt is het zevende hoofdstuk, waarin Goethe zelf aan het woord komt in een lange, virtuoze monoloog. Hij reflecteert op zijn leven, zijn werk en zijn relatie met Lotte, maar onthult ook zijn eenzaamheid en zijn onvermogen om oprecht contact te maken. Wanneer Lotte eindelijk bij hem wordt toegelaten, is de ontmoeting kort en formeel; de magie van vroeger is verdwenen. De roman eindigt met Lotte's vertrek uit Weimar, waarbij ze beseft dat de mythe van Goethe en Werther haar eigen leven heeft overschaduwd. Mann laat de lezer achter met vragen over de verhouding tussen kunst en leven, en over de prijs van onsterfelijkheid.